Waarom was Debby eigenlijk in loondienst gegaan? Waarom was ze ambtenaar geworden? Waarom niet ondernemer?

Oké die minionderneming – ooit lang geleden – tijdens haar studie was geen succes geworden. Debby had nog zo gepleit voor de ‘Tampony’, een opberghuls voor tampons, maar het waren lampjes van struisvogeleieren geworden.

Jammer … wie weet hoe haar leven was gelopen als de ‘Tampony’ in productie was genomen. Ze zou het nooit weten … [zucht].

Maar toch, bleef het gevoel na al die jaren aan haar knagen. Wat als … wat als ze ondernemer werd. Maar het was risicovol. Ze had nu een vast contract, een goed inkomen. En dat was belangrijk nu ze een gezin had. Dit was niet het juiste moment. Of toch?

Tijd om het gesprek aan te gaan met Arne Hulstein, een ervaren ondernemer en coach van startups. Ze vertelde hem over het beeld dat zij had van ondernemen, dat het risicovol was.

‘Dat hoeft net per se zo te zijn.’, reageerde Arne. ‘Het ligt ook heel vaak aan wat voor een voorwerk je als ondernemer wilt doen. Je moet heel specifiek je doelgroep kennen. Mensen met haar is geen specifieke doelgroep. Daar kun je niets op richten. Waar kom je mensen met haar tegen? Maar als je heel goed je doelgroep kent. Je weet heel goed hoe die markt in elkaar zit. Waarom ze ermee willen doen wat ze willen doen. Dan kun je heel leuk ondernemen. En anders heb je inderdaad kans dat het heel veel gezeur wordt en gedoe.’

Debby luisterde aandachtig. Die struisvogeleieren. Dat had ze op haar klompen aangevoeld dat dat geen succes zou worden. Maar of de ‘Tampony’ een zoveel beter idee was geweest. Ze had geen marktonderzoek gedaan. Daar was ook geen ruimte voor tijdens die brainstormsessie. Maar die ruimte had ze kunnen creëren. Maar ja, tegen 20 man ingaan was nog al wat.

‘Een onderneming start je idealiter met twee à drie personen.’, vervolgde Arne zijn verhaal. ’Dat is de meest veilige optie. Je kunt elkaar aanvullen. Iemand alleen heeft altijd een gat op een bepaald punt. Je bent niet perfect. Je hebt altijd iets waar je een gat laat vallen. Bijvoorbeeld administratie. Ik betaal enthousiast mijn boekhouder. En met zijn drieën kun je elkaar aanvullen. Je kunt elkaar oppeppen. Elkaar helpen.’

Weer dat samen. Debby was toch wel een einzelgänger. Niet op haar werk. Ze werkte graag samen met inwoners. Maar Ik Ben Raamambtenaar was echt haar eigen project. Het heette niet voor niets Ik Ben Raamambtenaar en niet Wij Zijn Raamambtenaar. Ze wilde er wel een beweging van maken. Alles op zijn tijd.

‘Ondernemen is risicovol.’, zei Arne. ‘En in het risico zit het leuke. Dat ding waarop je kan winnen. Als je altijd in een groepje blijft hardlopen, kun je nooit winnen. En dat is met ondernemen ook zo. Je moet voor de troepen vooruit lopen. En als er geen risico in zit, zou je er ook niet aan kunnen verdienen. Dan zou iedereen het doen. Er is niemand anders die dat kan doen.’

Maar hoe moest Debby dit vertalen naar haar ambtenaarschap?

Arne zag haar worsteling. Ten minste … Debby dacht dat hij het misschien zag, want hij maakte als vanzelf de vertaling van ondernemer naar ambtenaar.

‘Hoe beter jij je markt kent, je doelgroep kent, hoe minder risico je loopt. Zorg dat je het verhaal kent. Dat je je idee hebt getest. Zorg dat je hebt gesproken met je doelgroep. Ga met mensen praten. Dat geldt ook voor ambtenaren. Leer je inwoners kennen. Ik zal het even voor je illustreren. Een x-aantal jaren geleden ben ik ingehuurd door een gemeente twee eilanden naar beneden. Het desbetreffende dorp kreeg een 8 van haar inwoners. Wij vroegen hun wat ze zouden willen verbeteren. We zijn letterlijk alle deuren afgegaan. Er kwam uit dat er in een straat twee snelheidsremmers niet handig lagen. Oplossing was simpel. De snelheidsremmers iets verder uit elkaar. Dorp was tevreden. Iedereen in het dorp had zoiets dat als je iets tegen de gemeente zegt dan luisteren ze. Dus de gemeente ging ook in achting omhoog. En dat was een eyeopener voor de ambtenaren en bestuurders.’

Debby knikte langzaam. Ze begon het te begrijpen.

Arne ging verder. ‘Als je een idee hebt, dan ga je praten met je doelgroep. Ga maar eens luisteren wat is het probleem dat ik moet oplossen voor jou? Op het moment dat je een probleem duidelijk hebt, worden oplossingen ook zichtbaar waar je in eerste instantie niet over na had gedacht.’

‘En dat moeten ambtenaren en bestuurders ook doen.’, reageerde Debby opgetogen. ‘Die moeten het raam open doen, naar buiten stappen, vragen stellen en echt, maar dan ook echt, luisteren. Net als een ondernemer moet doen om zijn ondernemersrisico’s te beperken. Zo beperkt de raamambtenaar zijn ambtenarenrisico’s.’

‘Je hebt ‘m door. Wat ambtenaren en ondernemers moeten doen, verschilt nauwelijks van elkaar. Beide moeten hun markt en doelgroep cq gemeente en inwoners door en door kennen.’